De recente bosbranden in Zuidwest-Frankrijk hebben grote oppervlaktes productiebos getroffen. Een logische vraag is dan ook: zal hout hierdoor duurder worden? Op korte termijn hoeft dat niet noodzakelijk zo te zijn. Beschadigd hout moet immers versneld worden geoogst en verwerkt, waardoor tijdelijk extra aanbod op de markt kan komen. De impact op de beschikbaarheid van hout kan zich vooral op langere termijn laten voelen.
De Europese houtmarkt wordt niet alleen bepaald door de vraag vanuit bouw en industrie. Ook wat er in onze bossen gebeurt, heeft rechtstreeks invloed op de beschikbaarheid en uiteindelijk de prijs van hout.
De recente bosbranden in Zuidwest-Frankrijk zijn daar een duidelijk voorbeeld van.
Dat is waarschijnlijk de belangrijkste vraag voor iedereen die vandaag hout aankoopt.
Op basis van de huidige situatie verwachten we niet dat deze bosbranden op korte termijn tot een algemene stijging van de Europese houtprijzen zullen leiden.
Op het eerste gezicht lijkt een prijsstijging logisch. Wanneer duizenden hectares productiebos verloren gaan, vermindert de toekomstige houtvoorraad. Bij een gelijkblijvende vraag zou een schaarser aanbod normaal gezien hogere prijzen betekenen.
Maar op korte termijn speelt een tegengesteld effect.
Een deel van de bomen uit de getroffen bossen is ondanks de brand nog bruikbaar. Dat hout moet relatief snel worden geoogst en verwerkt. Wanneer beschadigde en verzwakte bomen te lang blijven staan, neemt het risico op bijkomend kwaliteitsverlies door insecten, schimmels en andere aantastingen toe.
Daardoor komen op relatief korte tijd bijkomende houtvolumes op de markt.
In de Landes wordt momenteel dan ook gezocht naar voldoende verwerkingscapaciteit en afzetmarkten voor deze extra volumes. Vooral toepassingen die grote hoeveelheden hout kunnen opnemen, zoals verpakkingshout, pallets, plaatmaterialen, papier en energie, kunnen daarin een rol spelen.
Voor bepaalde kwaliteiten kan dat extra aanbod op korte termijn eerder prijsdrukkend dan prijsverhogend werken.
Dat betekent echter evenmin dat alle houtprijzen nu zullen dalen.
De Europese houtmarkt bestaat uit verschillende houtsoorten, kwaliteiten en toepassingen die elk hun eigen vraag- en aanboddynamiek hebben.
De markt voor constructiehout kan bijvoorbeeld anders reageren dan die voor verpakkingshout. Bovendien was de markt voor Europees naaldhout vóór de branden relatief krap. De Franse Fédération Nationale du Bois wees begin 2026 nog op hoge grondstofprijzen en een beperkt aanbod van bepaalde naaldhoutkwaliteiten.
De impact van de branden zal daarom niet één op één doorstromen naar de prijs van bijvoorbeeld constructiehout.
Voor afnemers van constructiehout zien we vandaag dan ook geen reden om alleen vanwege deze bosbranden een sterke algemene prijsstijging te verwachten.
De situatie in Zuidwest-Frankrijk is voor de houtsector extra relevant vanwege de Landes de Gascogne, één van de belangrijkste bos- en houtproducerende regio's van Frankrijk.
De regio staat vooral bekend om de grootschalige productie van pin maritime, of zeeden.
Die houtsoort wordt voor verschillende industriële toepassingen gebruikt. Een belangrijke afzetmarkt is de pallet- en verpakkingsindustrie.
Volgens France Bois Forêt worden in Frankrijk jaarlijks meer dan 50 miljoen nieuwe houten pallets geproduceerd. Hiervoor wordt ongeveer 1,5 miljoen m³ hout verwerkt. Pin maritime vertegenwoordigt ongeveer 29% van het hout dat voor de Franse palletproductie wordt gebruikt.
De pallet- en verpakkingsindustrie kan daardoor een belangrijke rol spelen bij het absorberen van bijkomende houtvolumes uit de getroffen bossen.
Daar wordt het verhaal anders.
Een productiebos dat vandaag verloren gaat, kan gedurende vele jaren geen nieuwe grondstof leveren. Bovendien krijgen Europese bossen steeds vaker te maken met droogte, stormschade, insectenaantastingen en bosbranden.
Wanneer dergelijke gebeurtenissen zich vaker voordoen, kunnen ze op langere termijn wel degelijk invloed krijgen op de beschikbaarheid en prijs van Europese houtgrondstoffen.
Daarom wordt naast prijs ook grondstoffenzekerheid steeds belangrijker voor de Europese houtindustrie.
De huidige branden zijn op zichzelf echter onvoldoende om te besluiten dat Europees constructiehout structureel duurder zal worden. Daarvoor spelen te veel andere factoren mee: bouwactiviteit, productiecapaciteit van zagerijen, voorraden, exportstromen, energie- en transportkosten en de situatie in andere Europese productieregio's.
Bij Cornelis Hout volgen we daarom niet alleen de dagelijkse houtprijzen. Ook wat verder stroomopwaarts gebeurt is relevant: beschikbaarheid van grondstoffen, productie bij Europese zagerijen, bosbeheer en veranderingen in internationale houtstromen.
Want uiteindelijk begint onze sector in het bos.
We kunnen hout steeds nauwkeuriger verwerken, productie automatiseren en iedere kubieke meter grondstof efficiënter benutten. Maar een sterke Europese houtindustrie blijft afhankelijk van gezonde en duurzaam beheerde bossen.
Voor onze klanten is de conclusie vandaag genuanceerd maar duidelijk: de bosbranden zijn een belangrijke ontwikkeling om op te volgen, maar vormen op dit moment op zichzelf geen reden om een algemene sterke stijging van de Europese houtprijzen te verwachten.
Bronnen: Global Wood Markets Info, France Bois Forêt, Fédération Nationale du Bois en recente berichtgeving over de houtmarkt in de Landes.
De recente bosbranden in Zuidwest-Frankrijk hebben grote oppervlaktes productiebos getroffen. Een logische vraag is dan ook: zal hout hierdoor duurder worden? Op korte termijn hoeft dat niet noodzakelijk zo te zijn. Beschadigd hout moet immers versneld worden geoogst en verwerkt, waardoor tijdelijk extra aanbod op de markt kan komen. De impact op de beschikbaarheid van hout kan zich vooral op langere termijn laten voelen.
De Europese houtmarkt wordt niet alleen bepaald door de vraag vanuit bouw en industrie. Ook wat er in onze bossen gebeurt, heeft rechtstreeks invloed op de beschikbaarheid en uiteindelijk de prijs van hout.
De recente bosbranden in Zuidwest-Frankrijk zijn daar een duidelijk voorbeeld van.
Dat is waarschijnlijk de belangrijkste vraag voor iedereen die vandaag hout aankoopt.
Op basis van de huidige situatie verwachten we niet dat deze bosbranden op korte termijn tot een algemene stijging van de Europese houtprijzen zullen leiden.
Op het eerste gezicht lijkt een prijsstijging logisch. Wanneer duizenden hectares productiebos verloren gaan, vermindert de toekomstige houtvoorraad. Bij een gelijkblijvende vraag zou een schaarser aanbod normaal gezien hogere prijzen betekenen.
Maar op korte termijn speelt een tegengesteld effect.
Een deel van de bomen uit de getroffen bossen is ondanks de brand nog bruikbaar. Dat hout moet relatief snel worden geoogst en verwerkt. Wanneer beschadigde en verzwakte bomen te lang blijven staan, neemt het risico op bijkomend kwaliteitsverlies door insecten, schimmels en andere aantastingen toe.
Daardoor komen op relatief korte tijd bijkomende houtvolumes op de markt.
In de Landes wordt momenteel dan ook gezocht naar voldoende verwerkingscapaciteit en afzetmarkten voor deze extra volumes. Vooral toepassingen die grote hoeveelheden hout kunnen opnemen, zoals verpakkingshout, pallets, plaatmaterialen, papier en energie, kunnen daarin een rol spelen.
Voor bepaalde kwaliteiten kan dat extra aanbod op korte termijn eerder prijsdrukkend dan prijsverhogend werken.
Dat betekent echter evenmin dat alle houtprijzen nu zullen dalen.
De Europese houtmarkt bestaat uit verschillende houtsoorten, kwaliteiten en toepassingen die elk hun eigen vraag- en aanboddynamiek hebben.
De markt voor constructiehout kan bijvoorbeeld anders reageren dan die voor verpakkingshout. Bovendien was de markt voor Europees naaldhout vóór de branden relatief krap. De Franse Fédération Nationale du Bois wees begin 2026 nog op hoge grondstofprijzen en een beperkt aanbod van bepaalde naaldhoutkwaliteiten.
De impact van de branden zal daarom niet één op één doorstromen naar de prijs van bijvoorbeeld constructiehout.
Voor afnemers van constructiehout zien we vandaag dan ook geen reden om alleen vanwege deze bosbranden een sterke algemene prijsstijging te verwachten.
De situatie in Zuidwest-Frankrijk is voor de houtsector extra relevant vanwege de Landes de Gascogne, één van de belangrijkste bos- en houtproducerende regio's van Frankrijk.
De regio staat vooral bekend om de grootschalige productie van pin maritime, of zeeden.
Die houtsoort wordt voor verschillende industriële toepassingen gebruikt. Een belangrijke afzetmarkt is de pallet- en verpakkingsindustrie.
Volgens France Bois Forêt worden in Frankrijk jaarlijks meer dan 50 miljoen nieuwe houten pallets geproduceerd. Hiervoor wordt ongeveer 1,5 miljoen m³ hout verwerkt. Pin maritime vertegenwoordigt ongeveer 29% van het hout dat voor de Franse palletproductie wordt gebruikt.
De pallet- en verpakkingsindustrie kan daardoor een belangrijke rol spelen bij het absorberen van bijkomende houtvolumes uit de getroffen bossen.
Daar wordt het verhaal anders.
Een productiebos dat vandaag verloren gaat, kan gedurende vele jaren geen nieuwe grondstof leveren. Bovendien krijgen Europese bossen steeds vaker te maken met droogte, stormschade, insectenaantastingen en bosbranden.
Wanneer dergelijke gebeurtenissen zich vaker voordoen, kunnen ze op langere termijn wel degelijk invloed krijgen op de beschikbaarheid en prijs van Europese houtgrondstoffen.
Daarom wordt naast prijs ook grondstoffenzekerheid steeds belangrijker voor de Europese houtindustrie.
De huidige branden zijn op zichzelf echter onvoldoende om te besluiten dat Europees constructiehout structureel duurder zal worden. Daarvoor spelen te veel andere factoren mee: bouwactiviteit, productiecapaciteit van zagerijen, voorraden, exportstromen, energie- en transportkosten en de situatie in andere Europese productieregio's.
Bij Cornelis Hout volgen we daarom niet alleen de dagelijkse houtprijzen. Ook wat verder stroomopwaarts gebeurt is relevant: beschikbaarheid van grondstoffen, productie bij Europese zagerijen, bosbeheer en veranderingen in internationale houtstromen.
Want uiteindelijk begint onze sector in het bos.
We kunnen hout steeds nauwkeuriger verwerken, productie automatiseren en iedere kubieke meter grondstof efficiënter benutten. Maar een sterke Europese houtindustrie blijft afhankelijk van gezonde en duurzaam beheerde bossen.
Voor onze klanten is de conclusie vandaag genuanceerd maar duidelijk: de bosbranden zijn een belangrijke ontwikkeling om op te volgen, maar vormen op dit moment op zichzelf geen reden om een algemene sterke stijging van de Europese houtprijzen te verwachten.
Bronnen: Global Wood Markets Info, France Bois Forêt, Fédération Nationale du Bois en recente berichtgeving over de houtmarkt in de Landes.
Cornelis hout 2026